Dag 30 | Alto do Poio – Samos | 22 mei 2025

Dag 30 | Alto do Poio – Samos | 22 mei 2025

 
 
22 mei wandeldag 30
 
Alto de Poio naar Samos 25km
 
Vanmorgen in het hotel ontbeten met een kopje warme chocolademelk en een soort cake. Daarna ben ik gaan wandelen. Ik vertrok vooral in de bergen, in de mist. Het was koud, zo’n 5 graden, dus ik had mijn jas nog aan. En dat was maar goed ook, want terwijl ik door de wolken liep, was de gevoelstemperatuur behoorlijk laag. Het was wel fantastisch om de wolken over de bergen te zien trekken. Soms was het om me heen volledig dicht van de mist en zag ik bijna niets. Even later kon het ineens helemaal open trekken, waardoor ik de bergen om me heen goed kon zien.
 
Ik liep vooral alleen en het duurde lang voordat ik de eerste andere wandelaars tegenkwam. In het eerste dorpje kwam ik onder andere pastoor Darf tegen. Hij vertelde dat hij gisteren was gestruikeld over zijn stokken. Zijn hand was verschrikkelijk dik geworden en hij moest naar de eerste hulp. Hij zei dat het beter is om je stokken gewoon in je handen te houden in plaats van ze actief te gebruiken. Ik loop zelf namelijk ook vaak met mijn stokken opgevouwen in mijn handen. Waarom ik ze precies meeneem, weet ik eigenlijk niet. Er zitten wel wat klimmetjes en afdalingen in, maar de afgelopen dagen loop ik vooral gewoon met mijn stokken in de hand. Het voordeel is dat mijn handen niet dik worden, omdat je continu iets vasthebt. En het is ook wel lekker om een beetje mee te spelen.
 
Tussendoor bel ik met Wies. Superleuk en gezellig. Terwijl ik op een bankje zit om met haar te kletsen, zie ik ineens Elena uit een restaurantje komen. Elena heb ik de eerste anderhalve week bijna elke dag gezien. Daarna zijn we elkaar uit het oog verloren. Superleuk om haar nu ineens weer te zien. Als het goed is, komen we ongeveer op dezelfde dag aan in Santiago. Het is bijzonder om straks in Santiago weer mensen terug te zien waarmee je een maand geleden vertrok, ook al heb je ze weken niet gezien. Veel mensen zullen rond dezelfde tijd aankomen.
 
De route van vandaag is echt prachtig. Mooie uitzichten, schitterende paadjes en veel bos. Overal hoor ik vogels. Ik sta geregeld stil om foto’s te maken of om gewoon naar de vogeltjes te luisteren. Het voelt als één groot avontuur en ik geniet er volop van. Soms is het wel gek om helemaal niemand om je heen te zien. Dan begin je je af te vragen of je nog wel op de juiste weg zit.
 
Na Triacastela neem ik de lange route richting Sarria, via Samos. Dat is zeven kilometer langer, maar het klooster daar schijnt fantastisch te zijn. De wandeling naar Samos is inderdaad prachtig. Je loopt door de vallei van de rivier de Sarria, en je ziet en hoort de rivier voortdurend naast je. De omgeving is prachtig, met mooie bospaden. Toch loop ik ook hier soms helemaal alleen. Op een gegeven moment vond ik dat een beetje vervelend, omdat ik me realiseerde dat niemand wist waar ik precies liep. Ik wist dat anderen ook naar Samos gingen, maar ik zag niemand voor of achter me.
 
Op dat moment rijdt er een politiewagen langs. Ze zwaaien even en staan iets verderop te wachten. Dat zie je vaker op de wegen langs de camino. Ze controleren of het goed gaat met de pelgrims. Dan loop ik een klein verlaten stadje in, en ineens staat daar een Australische man die ik eerder die dag ook al had gezien. Terwijl ik even met hem sta te praten, komt ook Brian me achterna gelopen. Dus ondanks dat ik dacht dat ik helemaal alleen liep, zijn er toch bekende gezichten in de buurt.
 
Uiteindelijk kom ik aan in Samos. Het klooster ziet er van buiten al indrukwekkend uit. Ik breng mijn spullen naar het pension, neem een douche en doe een wasje. Daarna ga ik op zoek naar iets te drinken. Vlak bij het klooster begint, vijf minuten nadat ik aankom, een rondleiding. Superleuk, al is de rondleiding volledig in het Spaans. Hij wordt gegeven door een monnik die alles heel rustig uitlegt. Ik versta de helft niet, maar het gebouw is indrukwekkend genoeg om er toch van te genieten.
 
Na de rondleiding drink ik iets met Brian. Op het terras schuiven steeds meer mensen aan, dus we zitten uiteindelijk met een grote groep gezellig samen. We besluiten naar de pelgrimsmis te gaan. Voor mij is het de eerste keer deze camino. Het is niet de mooiste mis, hoorde ik van anderen, maar het blijft bijzonder om mee te maken.
 
Na de mis ga ik met Wilma en Astrid nog wat eten. We hebben lekker gegeten. Ineens realiseer ik me dat ik mijn bagage voor morgen nog moet regelen. Mijn telefoon heeft nog maar 1 procent batterij. Gelukkig zijn er mensen met een hotel of albergue in de buurt, en mag ik even een oplader lenen. Ik regel het snel, en als we klaar zijn met eten, ga ik terug naar mijn pension. Dat zit aan de andere kant van het stadje. Ik hoop dat het nog open is. Gelukkig heb ik een sleutel van de buitendeur gekregen, want alles was al afgesloten. Ik maak mijn spullen klaar voor morgen. Dan ga ik morgenochtend weer vroeg op pad.